Zeven vragen voor Foeke de Koe

Zeven vragen voor Foeke de Koe

Een kleine zeven jaar geleden is Foeke de Koe in Edam komen wonen. Hij werkt voor de publieke omroep als documentairemaker en heeft april dit jaar De Tegel gewonnen, een van de belangrijkste journalistieke prijzen van ons land. Hij kreeg de prijs samen met Kees Schaap voor hun drieleuk De Ondergang van de Van Imhoff over een Nederlandse oorlogsmisdaad tijdens een scheepsramp uit 1942. Het werd een van de grootste doofpotaffaires uit de Nederlandse geschiedenis.

1. Voor welke programma’s werk je?
“Andere Tijden, Andere Tijden Sport, Nieuwsuur en ik probeer elke twee jaar aan een groot project te werken, zoals De Ondergang van de Van Imhoff. Op dit moment werk ik aan een nieuwe documentaire over het Oranjehotel in Scheveningen waar een SS gevangenis zat. Voor Andere Tijden werk ik samen met een researcher die de bulk van het werk op zich neemt. Ik schuif aan om mee te lezen en te sturen in wat we precies gaan maken. Bij de opnames verzorg ik regie, de interviews en de montage. Voor het programma Nieuwsuur ga ik naar de redactie, krijg ik een onderwerp mee en ben ik dezelfde avond op zender.”

2. Hoe ben je begonnen?
“Na de school voor journalistiek heb ik 15 jaar binnen- en buitenlandverslaggeving gedaan voor Netwerk en Brandpunt. Daar heb ik het vak geleerd. Tussen 1993 en 2008 heb ik alle grote nieuwsevents meegemaakt. Ik was in New York met 9/11, op Sri Lanka met de tsunami en in London met de aanslagen. Mijlpalen in de recente geschiedenis. Als je dan daar rondloopt, weet je dat er nog lang over gesproken zal gaan worden. Ik heb ook veel in het Midden-Oosten gewerkt, waaronder in Irak en Gaza. Je bent dan half getrouwd met een cameraman met wie je de wereld over trekt. Heel leuk, maar na 15 jaar was het ook wel genoeg. Ik ben toen voor mijzelf begonnen en de nadruk werd meer documentair. Dat is nu ook echt mijn vak. Af en toe Nieuwsuur doen is lekker om mijn journalistieke honger te stillen, daar kom ik toch vandaan.”

3. Hoe ontstaat een idee voor een documentaire?
“Dat gaat altijd anders. In het geval van de Van Imhoff was het een artikel waar ik in een bijzin iets las over een doofpot en een scheepsramp. Dan is het een voordeel dat ik journalistiek getraind bent, want dan ben ik meteen wakker. Ik ben gaan speuren en gaandeweg kwamen er steeds meer dingen aan het licht waar je van denkt: dit is spannend. Het verhaal begint zich dan te ontvouwen. Het idee voor de documentaire waar ik nu aan ga werken kwam via een tip vanuit het NIOD. Een jonge vrouw heeft gevangen gezeten in Scheveningen. Ze ontdekt daar dat ze lesbisch is en heeft dat bijgehouden in een dagboekje. Die combinatie: uit de kast komen in een gevangenis tegen de achtergrond van SS uniformen en dat bijgehouden in een dagboek, dan ben ik weer wakker. Ze is overleden in Nieuw Zeeland en we kwamen in contact met een neef die nog een doos vol dagboeken en fotoalbums op zolder bleek te hebben staan. Er ging een schatkist voor ons open.”

4. Wat is het leukste om te doen?
“Waar ik nu mee bezig ben is alles lezen, dat is het minst stressvol. Je kruipt in een andere wereld. We zijn nu nog aan het zoeken naar de juiste vorm. Langzaam begint de hoofdpersoon van de nieuwe documentaire te groeien in mijn hoofd. Uiteindelijk kan ik een structuur bouwen en het scenario schrijven. Dat proces vind ik heel leuk. Voor de Van Imhoff, dat zich in 3 tijdperken afspeelt, hadden we het scenario in gekleurde post-it’s op de muur hangen. Als een detective ben je steeds een plakkertje aan het verleggen en probeer je zo de puzzel op te lossen.”

5. Zijn er minder leuke kanten?
“Het filmen is enorm intensief. Het is kostbaar dus je hebt maar een beperkt aantal dagen waarin het moet gebeuren. De druk die dan kan ontstaan is het minst leuk. De montage is ook stressvol. Dat duurt een paar weken en je zit dan in een soort tunnel. Je bent pas weer aanspreekbaar als het klaar is.”

6. Heb je een favoriet programma om aan te werken?
“Andere Tijden Sport is bijzonder, het lijkt wel of iedereen van dat programma houdt. Als je tijdens de uitzending op Twitter kijkt, voelt het als een warm bad. Het is ook een leuke club om mee samen te werken. Een deel van de redactie komt van Studio Sport met heel veel feitenkennis, het andere deel uit de documentaire hoek. Die combinatie werkt heel goed.”

7. Waar ben je het meest trots op?
“Ik heb altijd ontslag genomen als het werk me niet meer beviel. Ik heb mezelf altijd uitgedaagd om weer iets nieuws te gaan doen. Mijn werk is een belangrijk onderdeel van mijn leven en ik hou veel van mijn vak. Als ik niet goed in mijn vel zit, omdat ik mijn werk niet meer leuk vind, maak ik bagger. Je bent zo goed als je laatste verhaal.”

 




BASE-it Computers De Boer Accountants Harmonie Kapper Sjoerd Lux Photograpy Cor Kes Ronald Schot Smits Web Stadskrant adverteren Uitgeverij De Stad Hotel Restaurant De Fortuna schoonmaak & opruimbedrijf HARRIE
Facebook