Ondertussen aan de keukentafel


Waar vinden de gesprekken plaats die er werkelijk toe doen? Op het werk bij de koffieautomaat, in de politiek in de achterkamer en thuis… inderdaad, aan de keukentafel. In deze rubriek praat ik aan de keukentafel met gemeentegenoten over een letterlijk en figuurlijk gewichtig onderwerp:  eten. 

Eten heeft de bijzondere eigenschap dat het je kan terugvoeren naar een bepaalde tijd of gebeurtenis in je leven. Iedereen heeft wel een gerecht waarvoor je hem of haar ’s nachts kunt wakker maken. Of waar je juist badend in het zweet van wakker wordt, omdat je vroeger pas van tafel mocht, als je je bord leeg had. Of gerechten die je ooit ergens at en waarvan je altijd hebt willen weten hoe je ze maakt. 

Elke maand ga ik met iemand in gesprek over zo’n gerecht en schrijf ik er op deze plek een verhaal over. Het eerste verhaal gaat over een herinnering uit mijn eigen jeugd. Een oudoom van mij was een enorme liefhebber van lekker eten. Aangezien hij nooit was getrouwd en zich in de keuken geen raad wist, liet hij zich graag uitnodigen door familie. Zo ook bij mijn ouders. Mijn oom was een begenadigd violist en in ruil voor een voedzame maaltijd bracht hij tussen de bedrijven door mijn moeder in extase met Hongaarse zigeunermuziek, een genre waar ik als 15-jarige heavy-metalpuber minder affiniteit mee had. Het was dan ook niet het vioolspel, waaraan ik goede herinneringen bewaar, maar wel de heerlijkheden die mijn moeder mijn oom en ons op zo’n avond voorschotelde. 

Een voorbeeld hiervan was stokvis, een gerecht dat ik verrukkelijk vond. Het mooie van stokvis was dat je gegarandeerd twee dagen lekker at, want de dag erna maakte mijn moeder met de restjes een gerecht dat ze panvis noemde. De herkomst van panvis blijft een mysterie. Niemand die ik er over vertel, heeft ooit van het gerecht gehoord, maar het is te lekker om het niet wereld- of tenminste Edam-Volendamkundig te maken. Nog meer goed nieuws: ook als je de dag ervoor geen stokvis hebt gegeten, kun je panvis maken. Hierbij het recept voor vier personen.
Ingrediënten:
500g stokvis of kabeljauw
100g spekreepjes, uitgebakken (bewaar het braadvet)
250g rijst, gekookt volgens aanwijzing op de verpakking
250g vastkokende aardappels, geschild, beetgaar gekookt en in stukken van 2 cm gesneden
Witte wijn
60 g boter
Bloem
Kippenbouillon van een blokje
Witte wijn
Grove mosterd
Panko broodkruim
Zwarte peper
Zout naar smaak

Verwarm de oven voor op 200 graden. Als je kabeljauw gebruikt, kook deze dan in grove stukken gedurende 5 minuten in water en witte wijn (50%/50%), zwarte peper en zout. Leg de kabeljauw apart. Heb je stokvis, dan kun je deze stap overslaan. Verhit de boter op middelhoog vuur, voeg al roerend met een garde bloem toe en laat deze bruin worden. Schenk de bouillon er bij en blijf roeren tot het geheel mooi glad en glanzend is. Voeg twee eetlepels mosterd, zwarte peper en een scheut witte wijn toe en laat op laag vuur inkoken tot een lobbige saus. Meng de rijst, aardappels, spekjes (incl. braadvet), kabeljauw en mosterdsaus voorzichtig door elkaar en doe alles in een ovenschaal. Strooi er panko-broodkruim over. Zet de schaal 20 minuten in de oven tot het kruim mooi bruin is. De panvis is dan klaar. Eet er een frisse groene salade bij.
Door Roderick Mees, kok bij Vandaagkookik




BASE-it Computers De Boer Accountants Harmonie Kapper Sjoerd Lux Photograpy Cor Kes Ronald Schot Smits Web Stadskrant adverteren Uitgeverij De Stad Hotel Restaurant De Fortuna schoonmaak & opruimbedrijf HARRIE
Facebook