Geraakt door corona: De straat op. Deel 1

Geraakt door corona: De straat op. Deel 1

Waar de meesten van ons ten tijde van de Coronacrisis vooral vanuit huis moesten werken, zijn er ook beroepsgroepen die gewoon elke dag de straat op gingen. Cruciale beroepen die een hoop hebben zien veranderen met de komst van het nieuwe normaal. Wietse Hof is postbode in de binnenstad van Edam en Nicolien van den Brink werkt als havenmeester. Het werk ging gewoon door, maar hoe ging dat?

Al 5,5 jaar werkt Wietse Hof naast zijn studie sociale geologie en planologie als postbode in de binnenstad van Edam. “Ik vind het geweldig, ik kan me geen betere baan wensen. Ik krijg beweging, het is retegezellig omdat je allemaal mensen spreekt, je komt buiten en je krijgt er nog voor betaald ook, het is een win-win situatie. De afgelopen maanden heb ik gewerkt aan mijn scriptie, ik vond het dan een beloning om aan het werk te gaan.” Toen de boel op slot ging in maart, ging zijn werk gewoon door. “Je neemt meer afstand natuurlijk en je mag geen pakketjes meer aangeven, je moet het op de mat leggen. Er is minder contact met de collega’s, we hadden afgesproken om met niet meer dan met zijn tweeën op het depot te zijn, dan mis je wel het bijkletsen.”

Praatje maken
In tijden van sociale distantie werden er meer brieven en kaarten verstuurd. Wietse: “Dat kon je echt merken. Ik heb zelf ook mijn oma kaarten gestuurd toen ik haar niet kon zien. Ik denk dat het niet zoveel uitmaakt hoeveel we nog gaan digitaliseren, kaartjes krijgen vinden we allemaal leuk, dat zie ik niet verdwijnen.” Ook hadden mensen meer behoefte aan een praatje. Wietse: “Daar probeerde ik rekening mee te houden. Vlakbij de Bult woont iemand alleen en haar hond is in januari doodgegaan, ik werk in de binnenstad, dan weet je dat soort dingen. Ik kijk elke dag of ik haar in de tuin zie, zodat ik haar kan aanspreken en een praatje kan beginnen. Dat spreekt voor mij voor zich. Ik vind dat het bij de baan van postbode hoort, dat sociale stukje. Ik mag best vijf minuten langer over mijn werk doen als dat betekent dat ik een praatje maak met een paar mensen.”

Rode vlag
Bij het ingaan van de Corona-maatregelen werd in de haven van Edam en Volendam de dubbele rode vlag gehesen. Dit betekent dat de haven niet geopend is voor mensen die geen eigen legplek hebben. Daar bleef het echter niet bij. Nicolien van den Brink is havenmeester in Edam en Volendam. “In het begin moesten mensen nog erg wennen aan de nieuwe anderhalve meter situatie en met het mooie paasweekend in aantocht hebben we zelfs besloten de haven van Volendam op slot te doen. Met mooi weer is het in Volendam niet te houden met dagjesmensen, dat loopt hoe dan ook uit de klauwen. Er liggen dan heel veel kleine bootjes naast elkaar in de haven. Dat valt gewoon niet te handhaven.”

In het havengat werd een grote botter gelegd, daardoor kon niemand de haven meer in of uit. Nicolien: “Een zware ingreep. Het hijsen van de rode vlag is al heel uitzonderlijk, het afsluiten van een haven al helemaal.

Tweede Wereldoorlog
De laatste keer was tijdens van de Tweede Wereldoorlog. Toen een daad van de Duitsers om de Volendammers uit te hongeren, heel gemeen. Nu was het natuurlijk bedoeld om de mensen te beschermen. Het was wel spijtig voor de mensen met een boot in de haven, die stonden op de dijk met beeldschoon weer te kijken naar de andere bootjes die wel op het water waren. Toch was er voornamelijk begrip. Ik was wel blij dat de haven na vier dagen weer open ging. De versoepelingen gaan gelukkig nu verder, de bootjes mogen weer dubbel liggen en het sanitair is weer open.”

Lege dijk


Wat is er door Corona veranderd? Nicolien: “Een lege dijk in Volendam, zonder toeristen. Voor de middenstand is het natuurlijk niet goed, maar voor mij persoonlijk mag het wel iets rustiger blijven.” Ook Wietse ziet minder vakantiegangers op straat. “Nu zie je er weer een paar rondlopen maar in vergelijking met andere jaren is dat echt verwaarloosbaar. Vaak ben je als postbode het eerste aanspreekpunt voor verdwaalde of nieuwgierige toeristen, ik vind het altijd leuk om ze te woord te staan. Dat zal zich vanzelf gaan herstellen.”

Waardering voor oude normaal
“Ik ben wel soms bang voor hoe lang we nog aan de anderhalve meter moeten”, vervolgt Wietse. “Ik mis contact met mijn vrienden maar ik hecht ook waarde aan het persoonlijk overhandigen van de post. Het zijn kleine dingen, maar als je die kleine dingen 100 keer per dag niet kan doen, ga je het toch missen. Ik hoop dat we door de huidige situatie meer waardering krijgen voor het oude normaal. Dat we beseffen hoe fijn het is om op een terras te zitten, vrienden te ontmoeten en gewoon iemand de post overhandigen. Ik hoop dat we geleerd hebben dat het belangrijk is om oog te hebben voor elkaar en even een praatje te maken, laten we dat vasthouden.”




BASE-it Computers De Boer Accountants Harmonie Kapper Sjoerd Lux Photograpy Cor Kes Ronald Schot Smits Web Stadskrant adverteren Uitgeverij De Stad Hotel Restaurant De Fortuna schoonmaak & opruimbedrijf HARRIE
Facebook