De verbouwing van William Pontstraat 17

De verbouwing van William Pontstraat 17

“Dit wordt nooit meer een huis dacht ik”

Met een kleintje op komst besloten Susanne en Raoul de grote stad te verlaten, maar ze konden geen geschikte woning vinden. Ze wilden de zoektocht eigenlijk staken, omdat Susanne niet hoogzwanger wilde verhuizen, laat staan verbouwen. Laat dat nou precies zijn wat ze wél gedaan hebben. Inmiddels is hun zoon Abel 1 jaar en is de verbouwing voor een groot deel klaar, maar nog lang niet helemaal.

“We hadden een fijn appartement in de Rivierenbuurt in Amsterdam,” vertelt Susanne. “Toen er gezinsuitbreiding op komst was, wilden we graag iets voor onszelf. Met iets meer ruimte en het liefste een tuin.” Dat bleek gemakkelijker gezegd dan gedaan. “We begonnen met zoeken in Amsterdam, daarna in Noord, Landsmeer, Krommenie, Zaandijk; de kring werd steeds groter. We gingen nog één open-huizendag bezoeken. Als we ons droomhuis daar niet konden vinden, zouden we stoppen met zoeken. We wilden niet hoogzwanger gaan verhuizen. Toen kwamen we hier. Direct bij binnenkomst dachten we: dit is te gek! Doorslaggevend was het gevoel van: hier kunnen we wat van maken. Maar vooral: hier moeten we iets van maken.” Raoul: “Eigenlijk wilde ik wel heel graag verbouwen.” En zo gingen ze toch hoogzwanger verhuizen en verbouwen.

Erg verouderd
Het is een groot huis en er moest veel gebeuren. Raoul: “Natuurlijk heb je daar een romantisch beeld bij. Even een likje verf en de vloer kunnen we wel hergebruiken. Het plan was in grote lijnen meteen duidelijk: er één grote woonkamer aan de tuinkant van maken. Dat zouden we ergens in de toekomst oppakken, eerst wonen. Behalve de badkamer, die zouden we vast aanpakken. Die zat achter in het huis, aan de kant van de tuin en dat vonden we een onlogische plek. Alles was ook erg verouderd. Maar als we dan toch bezig zijn, is het niet slim om er meteen één huiskamer van te maken? Dan moeten we ook een nieuwe keuken, die zit namelijk in de weg als we dat gaan doen. Dan moeten we ook de hal veranderen. En vergeet niet de vloer. Gaandeweg wordt dan het hele huis verbouwd. Want, we zeiden ook: als we gaan verbouwen, dan gaan we ook all-in, dan doen we alles in een keer.”

Dieptepunt
Er is geen muur blijven staan. “Alles was opengebroken, vloeren eruit, kozijnen vervangen,” vertelt Susanne. Raoul vervolgt: “Tijdens het verplaatsen van de muren bleek het dak in slechte staat, zonder behoorlijke isolatie. Dus dat hebben we ook vervangen, inclusief de balkenlaag. Je keek zo naar buiten, het huis leek wel een soort doolhof. Het is een raar psychologisch iets, maar als je huis geen dak meer heeft, voelt het echt niet meer als een huis.” Susanne vult aan: “Dat vond ik het dieptepunt van de verbouwing. Er was niets meer, de voorgevels en zijkant lagen eruit. Het leek wel een rampgebied, met overal hopen puin en nog waren ze dingen aan het slopen. Dit wordt nooit meer een huis dacht ik.”

Extra mankracht
Hoewel de verbouwing nog in volle gang was, moest het jonge gezin verhuizen. “De opvang was in Edam geregeld, dus in september moesten we verhuizen. Ik weet nog dat ik dat aankaartte bij een van de klusjesmannen en hij me vol ongeloof aankeek. Ze zijn toen met nog meer mannen aan de slag gegaan, op een gegeven moment stonden z’n zevenen te stuken.” Susanne: “Er was nog niet geschilderd, er lag geen vloer en er was geen stromend water binnen. Alleen buiten hadden we een kraantje met koud water. In de woonkamer stond een steiger met een babybadje waar Abel in bad ging, daarna waste ik daar mijn haar zodat ik nog warm water had. In oktober stond ik in mijn bikini buiten onder de tuinslang, ik moest toch weer een beetje toonbaar naar mijn werk. Toen een deel van de keukenkastjes stond hebben we geïmproviseerde wasbak gemaakt met een houten plank en een soort kom, zodat we de kraan konen aansluiten. Wat een luxe is dat dan! Stromend water in huis. Ik ben wel blij dat dat niet heel lang geduurd heeft. Als je op het dieptepunt gaat wonen, kan het alleen nog maar beter worden en ben je met alles tevreden.”

Kapot maar tevreden
De laatste grote klus die ze moeten laten uitvoeren is het pleisterwerk aan de buitenkant, de rest wat nog moet gebeuren, doen ze zelf. “We zitten nu in de leuke fase van het klussen, je bent alles mooi aan het maken. Dat hoeft ook niet allemaal nu, niet elk vrije uurtje gaat in de verbouwing. We wonen nu lekker, we hebben ook een kindje waar we van willen genieten. We hebben nu een volwassenmensenhuis, zo voelt het. We hebben alles zelf mogen bedenken, zonder compromissen. Dat was heel leuk, maar ook veel knopen doorhakken en op veel verschillende borden schakelen. Het is een enorm project geweest, dan ben je kapot aan het einde. Dan heb je wel wat. Over alles is nagedacht en is het geworden zoals we het wilden hebben.”




BASE-it Computers De Boer Accountants Harmonie Kapper Sjoerd Lux Photograpy Cor Kes Ronald Schot Smits Web Stadskrant adverteren Uitgeverij De Stad Hotel Restaurant De Fortuna schoonmaak & opruimbedrijf HARRIE
Facebook